Object

Zonder titel

Instelling/bron: Museum Jan Cunen

Na het afronden van zijn opleidingen aan de Koninklijke Academie voor Kunst en Vormgeving in Den Bosch en de Jan van Eyck Academie in Maastricht, begon Stijn Peeters eind jaren tachtig met het schilderen van landschappen. Daarbij dienden landschapsschilders uit vorige eeuwen zoals Hercules Seghers en Philips Koninck, hem tot voorbeeld. Bij het maken van zijn vergezichten, horizons en wolkenluchten, werd Peeters bovendien direct geïnspireerd door het uitzicht vanaf zijn werkplek: de dertiende verdieping van een flat in Eindhoven.

Dit schilderij is verdeeld in negen rechthoeken die allemaal een landschappelijk tafereel laten zien: variaties op een vergezicht van de hei en een van de zee. Op elke voorstelling zijn de wolkenlucht, de lijn van de horizon en de lichtval anders. Op de waterwerken lijkt de nacht in te vallen, op de voorstelling rechtsonder hangt het schemerrood in de lucht en op het tafereel linksonder lijkt de zon net op te komen. De voorstellingen zijn losjes geschilderd, vrij expressief. Op andere werken uit dezelfde periode combineerde Peeters de figuratieve landschappelijke elementen met monochroom geschilderde verfbanen. In het begin van de jaren negentig maakten de banen in de landschappen plaats voor monochrome kleurvlakken.

Een paar jaren later stopte hij met de landschappen en ging Peeters zich toeleggen op het schilderen van mensen. Hij begon verhalende voorstellingen te maken van het leven van alledag in ongebruikelijke kleuren. Daarbij liet hij zich inspireren door de manier waarop oude meesters zoals Vermeer, Caravaggio, Velazquez en El Greco alledaagse mensen op een waardige manier uitbeeldden.