Object

Zeeuwse meisjes te Domburg

Instelling/bron: Museum Jan Cunen

Vanaf 1897 werkte Toorop 's zomers regelmatig in Domburg, een mondaine badplaats waar veel welgestelde mensen kwamen kuren. In die tijd werd het dorp ook drukbezocht door kunstenaars, zoals Piet Mondriaan, Ferdinand Hart Nibbrig en Jacoba van Heemskerk. Toorop schilderde er de duinen en het strand en maakte de eerste tekeningen voor zijn grote apostelserie, waarvoor de inwoners model stonden. In 1912 liet hij in de duinen een zelfontworpen paviljoen - in de volksmond het 'kot van Toorop' genoemd - bouwen, waarin hij een kleine tentoonstellingsruimte vestigde.

'Zeeuwse meisjes te Domburg' toont twee jonge, ongehuwde protestantse meisjes op het duin, in de traditionele dracht van het eiland Walcheren. Het kleine, vlot geschilderde paneel is mogelijk direct in de natuur ontstaan. Toorop probeerde de atmosfeer vast te leggen door fijne, heldere kleuren in zachte nuances naast elkaar te zetten. Licht- en schaduweffecten gaf hij weer met brede, grove verfstreken kleur, waarbij strepen en toetsen elkaar dynamisch afwisselen.