Het bos van de hertog

hendrikje.png

Tegeltableau van Hendrik I van Brabant uit 1910 door Dorus Hermsen aan de Marktstraat in 's-Hertogenbosch. (Bron: Basvb, 2006, Wikimedia Commons)

In de oudste stukken werd ze aangeduid als "De nieuwe stad bij het bos" of zelfs simpelweg "Bos". Maar vanaf 1213 duikt steeds vaker de naam Buscum ducis op, het bos van de hertog, ofwel ’s-Hertogenbosch.

En deze naam was terecht, want niet alleen kwam de stad tot stand op een domein dat toebehoorde aan de hertog van Brabant Hendrik I (1165-1235), de hertog had ook een wezenlijk aandeel in de stichting van de stad en verleende haar belangrijke voorrechten. Archeologen hebben bij opgravingen op de Markt van Den Bosch de wortels en boomstammen van dit bos van de hertog gevonden.

Bossche stadsmuzikanten droegen in de late middeleeuwen de stadsnaam ’s Hartogenbossche − in de vorm van een rebus − met trots uit. Hun armbanden met zilveren letters op fluweel zijn nu te zien in het Noordbrabants Museum. Aan het eind van de achttiende eeuw kwam echter onder invloed van de Franse Revolutie alles wat herinnerde aan adelsbewind in een kwade reuk te staan. Revolutionaire heethoofden deden toen pogingen de oude naam te vervangen door Brutusbosch als verwijzing naar de "tirannendoder", maar die leden schipbreuk. Wel kwam toen de verkorte vorm Den Bosch in zwang, vooral in de spreektaal. Het erfgoed van de eeuwenoude naam wordt echter nog altijd gekoesterd, niet in de laatste plaats door een heus Genootschap tot behoud van de naam ’s-Hertogenbosch.

 

Bronnen

Kuijer, P., ‘s-Hertogenbosch. Stad in het hertogdom Brabant, Zwolle/‘s-Hertogenbosch, 2000.

Van Oudheusden, J., Erfgoed van de Brabanders. Verleden met een toekomst, ‘s-Hertogenbosch, 2014.

Van Uytven, R. (red.), Geschiedenis van Brabant, van het hertogdom tot heden, Zwolle, 2004.

 

Dit artikel is een bewerking van een tekst uit J. Van Oudheusden, Erfgoed van de Brabanders. Verleden met een toekomst, ‘s-Hertogenbosch, 2014, 41.