De tempel van Empel

/beeld/verhalen/23100.jpg

Maquette van de tempel van Empel in het Noordbrabants Museum in ’s-Hertogenbosch.

Rond 100 na Chr., toen Brabant onder Romeins bestuur viel, stond er aan de Maas bij het huidige Empel een grote Gallo-Romeinse tempel. Deze tempel was erg bijzonder: het is de eerste in Nederland en het Duitse grensgebied waarvan archeologen konden vaststellen dat hij een voor-Romeinse oorsprong had.

De eerste offergaven die in Empel zijn gevonden, stammen uit de late tweede eeuw v. Chr. Ze dateren dus van ruim voor de komst van de Romeinen. Op dat moment was er sprake van een heiligdom in de buitenlucht, waarschijnlijk ter ere van de Keltische god Magusanus.

Deze plek was niet toevallig gekozen. Hier kwamen de Maas en de Dieze bij elkaar, en rivieren werden vaak sterk met goden verbonden. Daarnaast lag de plek op een wat hoger gelegen zandrug. Op dit soort ‘dominante’ locaties hadden veel goden in het Noordwesten van Europa hun zetel. Tot slot heeft onderzoek uitgewezen dat op de plek van de cultusplaats een bos stond en weten we van bijvoorbeeld de Romeinse auteur Tacitus (56-117 na Chr.) dat de lokale stammen hun heiligdommen vaak in bossen situeerden.

Mogelijk is rond het begin van onze jaartellingen een eerste tempelgebouw opgetrokken, maar deze maakte in de tweede helft van de eerste eeuw plaats voor een monumentaal Gallo-Romeins tempelcomplex. ‘Gallo-Romeinse’ tempels vermengen Romeinse stijlelementen, zoals zuilen en steenbouw, met inheems-Keltische gebruiken, zoals de vierkante plattegrond. De lokale god Magusanus was inmiddels versmolten met de Romeinse god Hercules, waardoor op de altaartsteen van Ruimel, die hoogstwaarschijnlijk uit de tempel van Empel afkomstig is, de god Hercules Magusanus vermeld staat.

/beeld/verhalen/23100-2.jpg

Gebeeldhouwd fries van de tempel in Empel of Kessel. Afkomstig uit de rivier de Maas. Nu tentoongesteld in het Noordbrabants Museum.

Er zijn aanwijzingen dat ook in Kessel, niet zo ver van Empel vandaan, een nog grotere tempel stond. In de Maas zijn grote stukken beeldhouwwerk aangetroffen die mogelijk een onderdeel vormden van een van deze twee tempels.

Vermoedelijk is de Tempel van Empel rond het einde van de tweede eeuw na Chr. afgebrand en deels vernietigd. Dat wil echter niet zeggen dat de plek zijn religieuze functie meteen verloor. Zo is er in wat vóór de brand het voorportaal van de tempel was, een geofferde Romeinse helm gevonden. De religieuze activiteiten in de tempel lijken uiteindelijk rond 235 na Chr. te eindigen. In de turbulente vierde eeuw werden de blokken tufsteen waaruit de tempel opgetrokken was waarschijnlijk gebruikt om in de buurt van Kessel een versterkt dorp te bouwen.

 

Bronnen

Roymans, N. en Derks, T. (red.), De tempel van Empel. Een Hercules-heiligdom in het woongebied van de Bataven, ‘s-Hertogenbosch, 1994.