Het klooster van Hooidonk

Zegel Hooidonk

Zegelstempel van de prior van het klooster Hooidonk. (Bron: Het Noordbrabants Museum)

Bij Nederwetten stond het eerste klooster van Brabant. In 1146 gaf de abt van het Limburgse augustijnenklooster Rolduc toestemming tot de stichting van de priorij Hooidonk bij Nederwetten boven Eindhoven.

Als we het norbertijnenklooster van Berne buiten beschouwing laten – tenslotte lag dat destijds buiten Brabant, op Gelders grondgebied – is Hooidonk het eerste klooster dat in het noorden van Brabant tot stand kwam.

Aanvankelijk was het een dubbelklooster, dus voor mannen en vrouwen. Maar vanaf 1242 woonden er nog slechts vrouwelijke religieuzen, alle overigens van adellijke afkomst. Vijf eeuwen zou het klooster hier gevestigd zijn tot de gemeenschap in 1648 op last van de protestantse overheid van de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden werd opgeheven.

Veel bezittingen van Hooidonk zijn toen verloren gegaan, maar het mogelijk meest aansprekende stuk bleef bewaard en kwam na vele omzwervingen terecht in de Sint-Jozefparochie in het Limburgse Waubach. Het is een kruisreliek, een splinter van  het Heilig Kruis van Christus dat in elk geval al in 1244 in Hooidonk werd vereerd.

In 1246 zou een bloedwonder hebben plaatsgevonden rond het reliek. Rond 1400 of eerder werd een nieuwe vergulde zilveren reliekhouder gemaakt voor de reliek.

De Eindhovense stadsarcheoloog Nico Arts (1954) veronderstelt dat het reliek mogelijk door een Brabantse kruisvaarder is meegebracht als buit van de plundering van Constantinopel in 1204, tijdens de vierde kruistocht. Dat zou dan tegelijk ook de herkomst verklaren van de tweeënveertig edelstenen en half-edelstenen op de reliekhouder, afkomstig uit het Midden-Oosten, Oost-India en Zuidoost-Azië. Wellicht hebben die oorspronkelijk een byzantijns-christelijke reliekhouder gesierd.

Overigens werd het hout van het kruisreliek in 1952 in twee delen gesplitst. Een daarvan is toen door de pastoor van Waubach geschonken aan de parochie van Nederwetten.

Een ander overblijfsel is de zegelstempel van de prior. Dit object wordt bewaard in Het Noordbrabants Museum. 

 

Bronnen

Van Oudheusden, J., Erfgoed van de Brabanders. Verleden met een toekomst, ‘s-Hertogenbosch, 2014.

Van Uytven, R. (red.), Geschiedenis van Brabant, van het hertogdom tot heden, Zwolle, 2004.

 

Dit artikel is een bewerking van een tekst uit J. van Oudheusden, Erfgoed van de Brabanders. Verleden met een toekomst, ‘s-Hertogenbosch, 2014, 59.