Thema

Generaliteitsland en ministaatjes

Aan het einde van de Tachtigjarige Oorlog was het hertogdom Brabant verscheurd. Bijna het hele noorden werd als generaliteitsland onderdeel van de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden.

Onder Hollands gezag

Kaart Republiek

Staats-Brabant in de Republiek. (Bron: Joostik, 2013, Wikimedia Commons)

In 1585 moesten de afgevaardigden van het gewest Brabant, na de Val van Antwerpen, hun zetels in de Staten-Generaal opgeven. De delen van Brabant die nog wel aan de kant van de opstandige gewesten stonden, zoals Bergen op Zoom, verloren daarmee hun zelfstandigheid en vielen noodzakelijkerwijs rechtstreeks onder het gezag van de Staten-Generaal. De Raad van State in Den Haag nam het bestuur over het zogenaamde Staats-Brabant op zich.

Toen de strijd na tachtig jaar verstomde was het oude hertogdom in tweeën gescheurd. Het zuiden van het hertogdom hoorde bij de Spaanse Nederlanden, terwijl het noorden onderdeel werd van de Republiek der Verenigde Nederlanden. Het Nederlandse deel stond bekend als Staats-Brabant. Het omvatte grote delen van het huidige Noord-Brabant, maar ook stukjes van het huidige Zeeland en van het tegenwoordige België. Enkele gebieden in het westen van de huidige provincie, zoals het Land van Heusden en Altena en Klundert, bleven tot het gewest Holland behoren. In het noordoosten waren er enkele vrije heerlijkheden die niet onder gezag van de Staten-Generaal vielen. Staats-Brabant werd bestuurd door de Staten-Generaal en daarom werd het een generaliteitsland genoemd.

 

Frank Lammers bezoekt de stadswallen van Heusden, de Duitse enclave Ravenstein en een schuilkerk in 's-Hertogenbosch om het leven in Staats-Brabant te ontdekken. (Bron: Canon van Lammers, aflevering 12, Erfgoed Brabant)

Alle rechten voorbehouden

Streven naar gelijkberechtiging

VredevanMunster

De ondertekeningen en persoonlijke zegels van de onderhandelaars op de laatste pagina van de Vrede van Münster. (Bron: Nationaal Archief)

Al voor de vredesonderhandelingen tussen Spanje en de Republiek in 1647 koesterden de Brabantse gebieden de wens om als zelfstandig gewest toe te treden tot de Staten-Generaal. Jaar na jaar werden deze verzoeken echter door Den Haag weggewuifd. Het gewest Holland was de belangrijkste tegenstander van Brabantse vertegenwoordiging. De Hollandse handelaren waren bang voor de economische gevolgen van de Brabantse toetreding. De vredesbesprekingen van 1647 deden de Brabantse hoop opleven, maar onderlinge onenigheid zorgde ervoor dat de Brabanders hun eigen zaak om zeep hielpen. Met het vredesakkoord van Münster werd de Brabantse onmondigheid uiteindelijk op papier bevestigd.

De periode tussen 1648 en 1795 was geen bloeiperiode voor Brabantse burgers. Stedelijke elites werd het recht op zelfbestuur onthouden en katholieken hadden na het Reglement op de Politieke Reformatie uit 1660 zelfs geen enkel uitzicht op een politiek ambt. Daarnaast kwamen Brabantse aristocraten niet in aanmerking voor een plek in de Staten-Generaal. De prestigieuze en lucratieve ambten die daaraan verbonden waren gingen dus aan de neus van de Brabanders voorbij.

En toch was Den Haag alom tegenwoordig in het leven van adellijke Brabantse bestuurders. In plaats van Brussel, waar de Raad van Brabant zetelde, werden geschillen voor de Staatse Raad van Brabant in Den Haag gebracht. Zo moest Philips van Leefdael (1610-1681), baron van Waalwijk en Beek, zich meermaals bij de Haagse heren verantwoorden over conflicten met zijn onderdanen.

Heerlijke vrijheid

Waar de katholieke elite in Staats-Brabant veel rechten had verloren, regeerden de heersers van de vrije heerlijkheden in het noordoosten zelfstandig. Onder andere Boxmeer, Gemert, Bokhoven en Ravenstein waren zulke vrije heerlijkheden en behoorden niet tot de Republiek. Zo had Bokhoven haar vrijheid te danken aan haar neutrale positie als leen van het prinsbisdom Luik en ook Gemert ontsnapte, als commanderij van de Duitse Orde, aan Haags bestuur.

Exterieur_vanuit_het_noord-westen_en_vanuit_het_zuid-oosten_-_Bokhoven_-_20037262_-_RCE.jpg

De Rooms-Katholieke kerk in de enclave Bokhoven werd bezocht door Katholieken uit de hele omgeving. (Foto: Anoniem, 1953, Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)

De heersers konden zelf de religieuze politiek in hun gebied bepalen. Dat was de Staten-Generaal een doorn in het oog. Die had de katholieke eredienst in de Republiek namelijk verboden, maar zag veel van haar inwoners uitwijken naar de ministaatjes. Veel van de vrije heerlijkheden in Brabant werden zo een toevluchtsoord voor katholieken uit het hele land, die er voor priester studeerden of die er kwamen om de mis bij te wonen.

Rampjaar 1672

In het rampjaar 1672 werden de politieke verhoudingen in de Republiek opnieuw op scherp gezet. De Republiek werd onder de voet gelopen door een militaire coalitie van Frankrijk, Engeland, Münster en Keulen en wist ternauwernood te overleven. De zwakke positie van de Republiek deed de hoop op een Brabantse vertegenwoordiging in de Staten-Generaal opleven en vertegenwoordigers uit ‘s-Hertogenbosch togen met een verzoekschrift naar Den Haag. De stadhouder, die de steun van de Hollandse steden harder nodig had dan die van de Brabanders, wist een aantal oranjegezinde Brabantse steden te overtuigen hun verzoek te laten varen en maakte zo een einde aan de plannen.

Lodewijk XIV trekt Nederland binnen tijdens het Rampjaar 1672

De Franse koning Lodewijk XIV trekt Nederland binnen tijdens het Rampjaar 1672. (Bron: Adam Frans van der Meulen, 1690, Rijksmuseum)

In de jaren die volgden moest men in Brabant accepteren dat veel bestuurlijke ambten opgeëist werden door gereformeerde nieuwkomers uit het noorden. Vaak ging het om jonge leden van gegoede families die in Brabant een invloedrijke positie hoopten te verwerven. Meer dan een eeuw lang, tot de Franse inval in 1795, zou Brabant door de Staten-Generaal bestuurd worden.

 

Bronnen

Van Oudheusden, J., Erfgoed van de Brabanders. Verleden met een toekomst, ‘s-Hertogenbosch, 2014.

Van Oudheusden, J., Verhalen van Brabant; Geschiedenis en erfgoed in tien tijdvakken, ‘s-Hertogenbosch, 2015.

Van Oudheusden, J. e.a. (red.), Brabantse biografieën. Levensbeschrijvingen van bekende en onbekende Noordbrabanders 3, Amsterdam/Meppel, 1995.

Van Uytven, R. (red.), Geschiedenis van Brabant, van het hertogdom tot heden, Zwolle, 2004.

Draag bij aan Brabants erfgoed!

Wil je een verhaal delen? Vul hieronder je gegevens in, en geef kort aan wat je zou willen bijdragen. De redactie neemt dan contact met je op.