Harbalorifa

Het minnelied van Hertog Jan I in de Codex Manesse

Uitsnede van de tekst van het minnelied "Eens meien morgens vroe" van Hertog Jan I van Brabant. In de alinea die begint met een "E" staat de bekende zin "harba lori fa". (Bron: Codex Manesse, ca. 1300, Universiteitsbibliotheek van Heidelberg)

Generaties Brabantse schoolkinderen zijn er mee grootgebracht: het Lied van hertog Jan, een loflied op Jan I (1252/54-1294) als de meest aansprekende van de Brabantse hertogen.

Waarschijnlijk kunnen de meesten echter alleen nog het eerste couplet uit het hoofd meezingen:

"Toen den Hertog Jan kwam varen
Te peerd parmant al triumfant.
Na zevenhonderd jaren,
Hoe zong men t’ allen kant:
Harba lorifa, zong de Hertog,
Harba lorifa.
Na zevenhonderd jaren
In dit edel Brabants land."

Voor veel Brabanders is het misschien wel de belangrijkste associatie met het oude hertogdom. Maar het lied is helemaal niet zo oud, het is zelfs nog lang niet aan zijn eeuwfeest toe: de tekst werd in 1947 geschreven door priester Harrie Beex (1914-1997), die daarbij geïnspireerd was door de gereconstrueerde hertogsbeelden op de Bossche Sint-Jan. Zijn collega Floris van de Putt (1915 - 1990) zette de tekst op muziek.

Alleen de bekende woorden van het refrein: Harba lori fa, dateren wel uit de tijd van het hertogdom. Jan I gebruikte ze in zijn lied “Eens meien morgens vroe”, het bekendste van zijn liefdesgedichten.

Niemand weet zeker wat Harba lori fa betekent. Maar een van de verklaringen is dat de woorden afkomstig zouden zijn uit de Langue d’Oc, de taal van troubadours uit de Provence. Ze betekenen dan zoveel als l’herbe fait des fleurs, het kruid staat in bloei.

 

Bronnen

Van Uytven, R. (red.), Geschiedenis van Brabant, van het hertogdom tot heden, Zwolle, 2004.

Van Oudheusden, J., Erfgoed van de Brabanders. Verleden met een toekomst, ‘s-Hertogenbosch, 2014.

 

Dit artikel is een bewerking van een tekst uit J. van Oudheusden, Erfgoed van de Brabanders. Verleden met een toekomst, ‘s-Hertogenbosch, 2014, 41.