Thema

Schuil en refugie

De zestiende en zeventiende eeuw zaten vol met religieuze strijd en veranderingen. Ook in Brabant liet dit zijn sporen na.

Reformatie!

Volgens de legende spijkerde de Duitse theoloog Maarten Luther (1483-1546) op 31 oktober 1517 een plakkaat met 95 stellingen op de deur van de kerk in Wittenberg, waarin hij zijn onvrede over bepaalde praktijken in de katholieke kerk uitte. Er bestond al langer kritiek op de gang van zaken in de katholieke kerk, maar dit moment in Wittenberg is de geschiedenis ingegaan als de start van de Reformatie.

Frank Lammers ontdekt dat het Brabantse Antwerpen eens de belangrijkste was in de Lage Landen. De strijd tussen katholieken en protestanten laaide daar flink op en er werd tijdens de Tachtigjarige Oorlog heftig gestreden om Antwerpen. (Bron: Canon van Lammers, aflevering 10, Erfgoed Brabant)

Alle rechten voorbehouden

Verscheurd Brabant

De Reformatie leidde tot een scheuring binnen het christendom en het ontstaan van het protestantisme. Er volgden vele jaren van geloofs- en politieke strijd waarin de verhoudingen tussen katholieken en protestanten op scherp kwamen te staan. Zeker voor Brabant, waar het overgrote deel van de bevolking katholiek bleef, had dit grote gevolgen.

Het hertogdom Brabant behoorde samen met de rest van de Nederlanden tot het rijk van Filips II (1527-1598), de koning van Spanje. Hij was een overtuigd katholiek en felle tegenstander van de Reformatie, die in de Nederlanden steeds meer volgelingen kreeg. Deze protestanten werden door Filips beschuldigd van ketterij en vervolgd.

Beeldenstormineenkerk

Een schilderij van de Beeldenstorm, door de Heusdenaar Dirck van Deelen. (1630, Rijksmuseum)

De vervolgingen stuitte op veel weerstand. In 1566 bood een honderdtal edellieden landvoogdes Margaretha van Parma (1522-1586) een smeekschrift aan, waarin ze haar vroegen om een einde te maken aan de strenge geloofsvervolgingen van de protestanten. De landvoogdes deed enkele concessies. Ondanks deze toenadering sloeg op 10 augustus 1566 in het Vlaamse Westerkwartier de vlam in de pan. Een groep calvinisten bestormde de plaatselijke kerk en richtte vernielingen aan.

Koninklijk en Staats-Brabant

Dit was het begin van de Beeldenstorm. In dat jaar werden door heel de Nederlanden kloosters en kerken vernield.

KaarRepubliek

De gewesten van de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden in de achttiende eeuw. (Bron: Joostik, 2013, Wikimedia Commons)

De woede richtte zich in het bijzonder op heiligenbeelden. De toorn van de beeldenstormers kwam voort uit de gereformeerde overtuiging dat in het geloofsleven de Bijbel centraal moest staan, in plaats van de uitgebreide heiligenverering die in de katholieke leer gebruikelijk was. In ‘s-Hertogenbosch zijn de sporen van de Beeldenstorm nog te zien in de Wendelinuskapel. De Beeldenstorm zette een reeks gebeurtenissen in gang die uiteindelijk tot de Tachtigjarige Oorlog leidde.

Brabant, dat toen nog een hertogdom was en gedeeltelijk in het huidige België lag, nam in deze oorlog een bijzondere positie in. De bevolking was overwegend katholiek en neigde meer naar de Spaanse koning dan naar prins Willem van Oranje (1533-1584). Dit wilde natuurlijk niet zeggen dat alle Brabanders in die tijd katholiek waren, ook het protestantisme werd in Brabant beleden. Zo werd er in 1597 bijvoorbeeld begonnen aan de bouw van de protestantse koepelkerk in Willemstad.

Toen in 1648 vrede werd gesloten, behoorde ruwweg het huidige Noord-Brabant tot de Republiek der Verenigde Nederlanden, terwijl het zuiden in Spaanse handen bleef. ‘Nederlands’ Brabant werd omgedoopt tot Staats-Brabant en was vanaf toen een generaliteitsland. Daardoor viel het rechtstreeks onder het gezag van de Staten-Generaal en had het geen zelfstandig bestuur.

Frank Lammers gaat kijken wat er in de Bossche Sint-Jan is overgebleven na de protestantse inname van de stad in 1629. (Bron: Canon van Lammers, aflevering 11, Erfgoed Brabant)

Alle rechten voorbehouden

Ondergrondse geloofsbelijdenis

Toch viel niet alles van wat we nu Noord-Brabant noemen onder het gezag van de Staten-Generaal. In het noordoosten lagen enkele zelfstandige heerlijkheden, bijvoorbeeld Bokhoven, het ambt Oeffelt, het Land van Ravenstein, de Baronie van Boxmeer, en de Commanderij Gemert. De bestuurders van die gebieden konden theoretisch onafhankelijk van het gezag in Den Haag opereren. In de praktijk probeerde de Republiek haar invloed te doen gelden. In het noordwesten van het huidige Brabant was er van een andere politieke situatie sprake. Klundert en het Land van Heusden en Altena behoorden tot het gewest Holland en maakten dus geen deel uit van Staats-Brabant.

BokhovenKaart

Bokhoven in 1665 op de kaart van Joan Blaeu. (Bron: Joan Blaeu, Atlas Maior, 1665, Wikimedia Commons)

De ingewikkelde bestuurlijke situatie had consequenties voor gelovigen. Hoewel de Republiek het katholicisme tolereerde, bestond er geen godsdienstvrijheid. De beperkingen op de vrijheid van religie hadden grote invloed op het dagelijks leven van de niet-protestantse Brabanders. Zo mochten overheidsfuncties alleen vervuld worden door protestanten en was de katholieke adel dus niet langer betrokken bij het bestuur.

Nieuwe orde

Ook de kloostergemeenschappen kregen te maken met de nieuwe orde. Hadden ze het tijdens de Opstand al zwaar te verduren gehad door plunderingen van beide kanten, vele werden uiteindelijk gesloten, de geestelijken verjaagd en hun bezittingen ingenomen. Toch lukte het sommige kloosters te overleven. Zo kregen de Norbertinessen uit Breda van de Oranjes toestemming om te verhuizen en te blijven bestaan.

Norbertinesse priorij Sint-Catharinadal

Norbertinesse priorij Sint-Catharinadal in Oosterhout. (Bron: BrabantseBiesbosch, 2017, Wikimedia Commons)

Een andere uitweg boden de vrije heerlijkheden. De wetten die in Staats-Brabant voor problemen zorgden, waren daar immers niet geldig. Diverse kloostergemeenschappen vestigden zich in de vrije heerlijkheden en namen kostbare voorwerpen uit hun oude kloosters mee. Een deel van die objecten zijn nu te bezichtigen in het Museum voor Religieuze Kunst in Uden.

Toevluchtsoord

Frank Lammers bezoekt de katholieke Duitse enclave Ravenstein en een schuilkerk in staats 's-Hertogenbosch. (Bron: Canon van Lammers, aflevering 12, Erfgoed Brabant)

Alle rechten voorbehouden

De zelfstandige heerlijkheden werden door hun uitzonderingspositie belangrijke toevluchtsoorden voor katholieken. Vlak over de grens van de heerlijkheden werden speciale kerkjes gebouwd. Zo bouwden de inwoners van Veghel in 1649 een grenskapel in Uden dat toentertijd deel uitmaakte van het vrije Land van Ravenstein. Zo kon men zonder ver te hoeven reizen toch het katholieke geloof belijden.

Ook de katholieken die niet in de buurt van een vrije heerlijkheid woonden, konden terecht bij grenskerken. Zij zochten hun toevlucht tot kerken in de Spaanse Nederlanden die net over de grens lagen. Vanuit Oost-Brabant ging men naar dorpen in Noord-Limburg, zoals Venray, Weert en Nederweert. Katholieken uit de omgeving van Valkenswaard bezochten Achel, een dorpje dat bestuurd werd door de Prins-bisschop van Luik. Uit de grenskerk, die daar rond 1650 werd gebouwd, is later de Achelse kluis ontstaan.

AchelseKluis

De Achelse Kluis ten zuiden van Valkenswaard ontstond als grenskerk, net op het grondgebied van het prinsbisdom Luik maar dicht bij Staats-Brabant. (Foto: John Scholte, 2012, Wikimedia Commons)

Vanaf het einde van de zeventiende eeuw werd het beleid van de Republiek wat versoepeld en werd het belijden van het katholieke geloof oogluikend toegestaan. Er ontstonden door heel Brabant schuilkerken waar katholieken buiten het zicht van de protestanten missen hielden. Vaak gebeurde dit in boerenschuren, die later bekend kwamen te staan als schuurkerken. In Den Dungen stond zo’n kerk, aan de Paterstraat.

SchuurkerkDenDungen

De voormalige schuurkerk in Den Dungen. (Foto: I. Heins, 1997, Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)

Voor dit soort kerken moest dan wel een belasting worden betaald, maar ze waren een stap vooruit ten opzichte van de eerdere situatie. Op echte godsdienstvrijheid moest men echter nog wachten tot het einde van de Nederlandse Republiek, in 1795.

 

Bronnen

Sonnemans, G. e.a., Blikken op Brabant. De canon van Nederland in Noord-Brabants perspectief, ‘s-Hertogenbosch, 2012.

Van Eijnatten, J. en Van Lieburg, F., Nederlandse religiegeschiedenis, Hilversum, 2006.

Van Oudheusden, J., Verhalen van Brabant. Geschiedenis en erfgoed in tien tijdvakken, ‘s-Hertogenbosch, 2015.

Van Uytven, R. (red.), Geschiedenis van Brabant, van het hertogdom tot heden, Zwolle, 2004.

 

Draag bij aan Brabants erfgoed!

Wil je een verhaal delen? Vul hieronder je gegevens in, en geef kort aan wat je zou willen bijdragen. De redactie neemt dan contact met je op.