Object

Voorzittershamer, vervaardigd uit het hout van de in 1994 gerooide lindeboom op de Heuvel.

Instelling/bron: Stadsmuseum Tilburg

Tilburg moet in de veertiende eeuw al een markante lindeboom hebben gehad, in 1390 is er in elk geval sprake van de boerderij ‘Guet terlinde’. In 1429 werd een akker aan wat later Lijnsheike ging heten reeds aangeduid met ‘den Lyndacker aen die linde’. De bekendste lindeboom stond op de Heuvel, vermoedelijk al sinds 1598, toen officiële stukken meldden dat toen een huisje ‘ende bancken omme de lynde staende’ werden afgebroken. Die ‘bancken’ zouden banken zijn geweest waarop werd rechtgesproken (schepenbank). Uit de oudste kaart van Tilburg (1760) staat bij die linde een galg getekend, wat eveneens een bewijs is dat op de Heuvel werd rechtgesproken. De boom, die later letterlijk en figuurlijk uitgroeide tot het officieuze symbool van Tilburg, was lange tijd gemeentelijk bezit. Het bladerdek werd in de loop der tijd kegelvormig gesnoeid, waardoor de boom het uiterlijk kreeg van een parasol met een basisdiameter van zo’n 25 meter. Tot in de jaren tachtig van de vorige eeuw was dit voor velen een geliefde ontmoetingsplek. Vanaf de jaren twintig van de vorige eeuw ging de linde tekenen van verval vertonen en werden er regelmatig herstel- en reddingsacties uitgevoerd. In de jaren zestig was de kegelvorm al geheel verdwenen en twee decennia later was er niet meer over dan een wat onooglijk takkenstelsel op de stam, die een omtrek had van ruim vijf meter. In het begin van de jaren negentig kwamen er, met name vanuit het stadsbestuur, steeds meer berichten dat de lindeboom niet meer te redden was, dit in tegenstelling tot de mening van diverse kenners. Op 27 april 1994 werd de ‘oudste Tilburger’ onder veel protest geveld. In 2009 werden nakomelingen (van een herstelwortel) van de lindeboom op de heringerichte Heuvel geplaats. [RP]