Object

Kelk van Franciscus van Busleyden

Instelling/bron: Museum Krona

In de vaste opstelling van het Museum voor Religieuze Kunst staat één voorwerp op zijn kop. Het betreft een gotische kelk uit de Sint Servatiusparochie in Schijndel. Tegen de onderkant van de voet is een zeshoekig plaatje is bevestigd. Op dit plaatje is een gegraveerd en deels geëmailleerd wapen met kruisstaf aangebracht, dat wordt omgeven door een banderol met de inscriptie: REVERENDISSIMUS + IN / CHRISTO + PR (presbyter?) DOMINUS / FRANCISCUS + DE / BVSLEIDEN + ARCHIEPIscopus / BISOnTINensis . ME . DEDIT / ECCLESIE . IN . SCINDEL / Anno. 1502. De gememoreerde schenker van de kelk, Franciscus de Busleyden (Aarlen ca. 1460 - Toledo1502) doorliep een glansrijke kerkelijke carrière. Van 1485 tot 1494 was hij leermeester van prins Filips de Schone, een functie die hij wist te combineren met die van proost aan de kapittels van de Sint-Lambertus te Luik (1485) en van de Sint-Donaas te Brugge (1490). In 1498 werd hij aangesteld als deken van het Onze-Lieve-Vrouwekapittel van Antwerpen, een jaar later volgde zijn wijding tot aartsbisschop van Besançon. Zijn benoeming tot kardinaal in 1502 kwam voor hem net te laat. Nog voor zijn wijding overleed hij. De Busleyden, die de meeste tijd aan het hof van Mechelen en Brussel resideerde, zal nauwelijks als pastoor in Schijndel actief zijn geweest. Het rijke personaat van de Servatiuskerk, tussen 1434 en 1464,vergeven aan de beroemde theoloog, filosoof en astronoom Nicolaas van Cusa, gaf aan De Busleyden voldoende armslag om een vicaris aan te stellen, die voor hem in de plaats de zielzorg uitoefende. De ‘afstandelijke’ relatie tot Schijndel weerhield de geestelijke er echter niet van om de Sint Servaas te gedenken met een kostbare gotische kelk, voorzien van een nodus met geëmailleerde rozetten.